De wereld van het proeven is wellicht net zo wonderlijk als de wijnwereld. De twee zijn eigenlijk onlosmakelijk met elkaar verbonden. Genieten van wijn zonder echt te proeven is simpelweg zonde. Met de mond nemen we smaken waar, dat klopt, maar net zo belangrijk is onze neus. Zonder neus geen geurbeleving en ook zeker geen goede smaakbeleving. Wie wel eens goed verkouden zijn of haar lievelingswijn heeft gedronken, weet dit als geen ander. Eigenlijk zijn er twee soorten geursensaties: de geuren die je ruikt van buitenaf als je door je neus inademt en de geuren die je waarneemt in je mond. Die laatste geuren komen vrij bij het proeven van voedsel. Zodra het eten of drinken zich gaat vermengen met het speeksel en de warmte in je mond, komen er nieuwe geurmoleculen vrij. Ruiken doe je dus ook met je mond. Dat de neus een essentieel onderdeel is van onze smaakbeleving blijkt ook wel uit het feit dat we vele malen meer reukcellen hebben dan smaakcellen. Ouder worden is voor sommigen een probleem. Tegen de rimpels smeren we massaal crème op ons gezicht en in de sportschool proberen we zo vitaal mogelijk te blijven. Er is echter één aspect van het ouder worden dat voor fijnproevers maar moeilijk te verkroppen is. We verliezen onze reukzin naarmate we ouder worden. Gemiddeld genomen zal je reukzin met de helft afnemen tussen je vijfenzestigste en tachtigste levensjaar. Daarom is het des te belangrijker en trouwens ook leuker, om je bewust te zijn van geuren. Neem ze in je op bij het proeven. Ruik eens goed wanneer je buiten loopt of wanneer je eet en denk na over wat je precies ruikt. Je zal zowel je eten als een goed glas wijn beter waarderen.
Alcoholvrije wijn. Je kunt er tegenwoordig bijna niet meer omheen. Waar een alcoholvrije wijn een paar jaar geleden nog ergens onder in het schap stond, vaak één witte en één rode, en meestal niet bepaald de trots van de wijnwinkel, verschijnen er nu complete series. Wit, rood, rosé, mousserend en zelfs alcoholvrije varianten die zich nadrukkelijk als premium wijn presenteren.
Je zit ergens op een klein terrasje in Italië, Frankrijk of Spanje. Het is een uur of zeven. De zon schijnt nog. Je hebt eigenlijk geen idee wat er op de wijnkaart staat en dus bestel je maar gewoon een karafje witte wijn van het huis.
Een goede klant vertelde me onlangs over zijn eerste vakanties naar Italië. Dat moet ergens in de jaren vijftig zijn geweest. De bestemming: het Gardameer. Hij vertelde over de wijn die ze daar dronken en natuurlijk viel de naam Bardolino. Maar toen zei hij iets waardoor ik ineens begon te twijfelen.