Japans voorgerecht met avocado en rookvlees. Ideaal om vooraf te maken.
Ingrediënten
150 g runderrookvlees
120 g sushirijst
2,5 dl water
1 el rijstazijn
1 tl basterdsuiker
mespunt zout
1/2 avocado
2 vellen nori (verkrijgbaar bij de toko)
1 tl wasabi (verkrijgbaar bij de toko)
Japanse sojasaus
Keukengerei
Kom
Kookpan
Bereiding
Was de rijst onder koud water tot het water helder blijft en laat uitlekken. Doe de rijst met het afgepaste water in een pan en laat aan de kook komen. Zet het vuur laag zodra het kookt en laat de rijst 4 minuten sudderen tot al het water is opgenomen. Zet het vuur uit, dek de pan af en laat nog 10 minuten staan. Meng de azijn, suiker en zout en roer dit door de rijst en blijf roeren tot de rijst is afgekoeld. Schil en snijd de avocado in reepjes. Leg een nori vel op een stuk bakpapier of op een sushimatje en spreid de helft van de rijst uit over het nori vel. Laat aan de bovenkant 5 cm vrij en aan de onder en zijkanten 2 cm. Smeer een beetje wasabi over de rijst en leg de helft van het rookvlees er in rolletjes op. Verdeel ook de helft van de avocado erop. Rol met behulp van het papier of het matje de nori van onderaf strak op. Leg de rollen afgedekt tot gebruik weg in de koelkast. Tot zover kunt u dit een dag van tevoren voorbereiden. Snijd de rollen vlak voor het serveren ieder in 6 stukken. Leg op ieder bord 3 sushi’s en een kommetje sojasaus met een beetje wasabi om de sushi in te dippen.
Wat is er nou fijner dan met een grijze dag genieten van een heerlijke dampende kom erwtensoep met worst en een plakje roggebrood met katenspek. Maar welke wijn drink je er nou bij?
Paddenstoelenrisotto is comfort food in z’n puurste vorm. Romig, warm en aards, zonder zwaar te worden. Het gerecht draait om balans: zachte rijst, diepe umami van paddenstoelen en net genoeg frisheid om het geheel spannend te houden. Het is geen uitgesproken vleesgerecht, maar zeker ook geen lichte hap. Juist daardoor is het zo geliefd in februari, wanneer mensen iets feestelijks willen, maar wel toegankelijk en huiselijk.
Pasta pesto is zo’n gerecht dat meteen naar vakantie smaakt. Eén hap en je zit weer op een terras in Ligurië, met de zee op de achtergrond en het geluid van rinkelende kopjes. Ooit werd pesto gemaakt door basilicum, knoflook, pijnboompitten en Parmezaan fijn te stampen in een vijzel. Geen haast, geen machines, alleen geur, smaak en geduld. En misschien is dat wel precies waarom dit gerecht zo fijn voelt. Het is simpel, maar nooit saai.