Een weekje ben ik alweer terug van vakantie. Heerlijk gekampeerd in Italië. Tentje opzetten, koken op een klein gaspitje en muggen rond de tent verjagen met citroenkaarsjes. Onze tent stond helemaal aan het eind van de camping dus hoorde de dagelijkse wandeltocht met de wc-rol onder de arm daar natuurlijk ook bij. Gelukkig stond de glasbak ook naast het gebouw van de toiletten. Hierdoor had ik de perfecte afleidingsmanoeuvre gecreëerd om de wc-rol niet zo op te laten vallen. Elke dag liep ik trots met rol en fles langs de tenten van de buren. Want op een camping is iedereen buurman; ‘Goedemorgen buurman!, goedemorgen buur!’.
Trots
Met opzet draaide ik dan steeds het etiket van de fles naar de desbetreffende buurman toe, zodat ze goed konden zien welke heerlijke wijn ik de avond ervoor had opgedronken. Zie het als een visser die trots een foto maakt met de gevangen vis in zijn handen. Ik was trots dat ik die lekkere wijnen gedronken had. Nu thuis is het weer behoorlijk wennen. Heel saai in mijn eentje naar de glasbak lopen, zonder dat er ook iemand maar op of omkijkt.
Alcoholvrije wijn. Je kunt er tegenwoordig bijna niet meer omheen. Waar een alcoholvrije wijn een paar jaar geleden nog ergens onder in het schap stond, vaak één witte en één rode, en meestal niet bepaald de trots van de wijnwinkel, verschijnen er nu complete series. Wit, rood, rosé, mousserend en zelfs alcoholvrije varianten die zich nadrukkelijk als premium wijn presenteren.
Je zit ergens op een klein terrasje in Italië, Frankrijk of Spanje. Het is een uur of zeven. De zon schijnt nog. Je hebt eigenlijk geen idee wat er op de wijnkaart staat en dus bestel je maar gewoon een karafje witte wijn van het huis.
Een goede klant vertelde me onlangs over zijn eerste vakanties naar Italië. Dat moet ergens in de jaren vijftig zijn geweest. De bestemming: het Gardameer. Hij vertelde over de wijn die ze daar dronken en natuurlijk viel de naam Bardolino. Maar toen zei hij iets waardoor ik ineens begon te twijfelen.