Champagne is voor veel mensen een plastic glas dat gedronken wordt om iets over twaalf op 1 januari. Ze vinden het eigenlijk niet echt lekker en het vuurwerk en de zoenen van Tante Ans laten de smaak vaak verdrinken in de oudejaarsnacht. De volgende Nieuwjaarsdag wordt de fles dan vaak met nog een flinke bodem gouden bubbels in de glasbak gegooid en wordt er ook een jaar lang niet meer aan de mousserende wijn gedacht.
Gelukkig is er sinds een paar jaar wel een intrede gedaan door de bijna overdreven populaire Prosecco. Deze zorgt ervoor dat 'bubbels in een wijn' iets meer geaccepteerd zijn door het jaar heen. Maar toch is alleen de zomer het moment dat deze sprankelende look-a-like van een echte Champagne het meest op tafel of terras komt, en dat is jammer voor de ‘bubbels’.
Tal van redenen kunnen uiteraard opgenoemd worden. De eerste is absoluut de prijs. Een echte lekkere Champagne koop je pas voor 35 euro. Terwijl je een echt goede Prosecco al voor 15 euro in de koelkast kan zetten. Een, ook best lekkere, Frizzante is er al voor 7 euro. Maar nu moet ik dan toch echt even als een soort professor de les gaan lezen en natuurlijk mag iedereen zijn eigen mening behouden. Maar stel je eens voor; een echt glas Champagne van een goed huis op een mooi moment, bijvoorbeeld op een gezellige herfstzondag gevuld met een lekker zonnetje die de zomer maar niet kan loslaten. Dat kan zo ontzettend veel beter zijn dan elke wijn waar ze op een onnatuurlijke manier een bubbel in gemaakt hebben. Wat ik wil zeggen met dit pleidooi is; drink Champagne! Zoveel als gezond is en zo vaak als je je financieel kunt veroorloven. Kies veel mooie momenten. Mousseer je leven!
Alcoholvrije wijn. Je kunt er tegenwoordig bijna niet meer omheen. Waar een alcoholvrije wijn een paar jaar geleden nog ergens onder in het schap stond, vaak één witte en één rode, en meestal niet bepaald de trots van de wijnwinkel, verschijnen er nu complete series. Wit, rood, rosé, mousserend en zelfs alcoholvrije varianten die zich nadrukkelijk als premium wijn presenteren.
Je zit ergens op een klein terrasje in Italië, Frankrijk of Spanje. Het is een uur of zeven. De zon schijnt nog. Je hebt eigenlijk geen idee wat er op de wijnkaart staat en dus bestel je maar gewoon een karafje witte wijn van het huis.
Een goede klant vertelde me onlangs over zijn eerste vakanties naar Italië. Dat moet ergens in de jaren vijftig zijn geweest. De bestemming: het Gardameer. Hij vertelde over de wijn die ze daar dronken en natuurlijk viel de naam Bardolino. Maar toen zei hij iets waardoor ik ineens begon te twijfelen.