Vragen? Bel: 035 888 95 95

Decanteren of karafferen?

Wijnadvies blog op 23 mei 2016
Decanteren of karafferen?

De termen decanteren en karafferen hoor je wel vaker, maar net zo vaak worden ze ook door elkaar gehaald. Dus wat is wat en vooral: bij welke fles doe je het ene en bij welke fles het andere? Het doel is in ieder geval hetzelfde: een lekker glas wijn drinken.

Voor de oudjes

Oude, gerijpte wijnen hebben in de loop van de tijd depot in de fles opgebouwd en moet je karafferen. Dat depot (bezinksel) wil je niet in je glas hebben en dus moet je zorgen dat je de wijn daarvan scheidt. Dat doe je door de wijn over te schenken in een karaf. Een karaf is vaak smal van boven en erg breed van onder. Om te karafferen is het belangrijk om de fles eerst een tijd rechtop te zetten zodat het bezinksel naar de bodem zakt. Daarna kun je de wijn voorzichtig overschenken in de karaf. Je stopt met schenken zodra het bezinksel in de buurt van de flessenhals komt. Wanneer er een lampje of kaars onder gezet wordt is goed te zien wanneer het moment daar is. Het fijne van karafferen is dat je nu een heldere wijn hebt, maar een groot nadeel is het contact dat de wijn dan krijgt met zuurstof. Delicate oude wijnen kunnen daardoor snel hun aroma verliezen.

Zuurstoftekort

Bij decanteren wil je juist dat er zuurstof bij je wijn komt. Je doet dit dan ook bij gesloten wijnen die hun smaak nog niet hebben prijsgegeven en bij wijnen van hoge kwaliteit die jong zijn. Het hele voorzichtige dat bij karafferen komt kijken, mag je allemaal loslaten en naar harte lust de wijn in een hoge, smalle karaf gieten. Dit is veel effectiever dan een wijn openmaken om de fles vervolgens even te laten ademen.

Home > Wijnadvies > Wijnadvies blog > Decanteren of karafferen?

© 2017 Siersma Wijnadvies